NEOS – Daguitstap Frans-Vlaanderen

Een kille voorjaarsmorgen … Vijfenzestig Neos-getrouwen geven toch een warm gevoel. Iedereen is stip op tijd. En toch… wij zullen met gevoelige vertraging onze bestemming Cassel bereiken. Een onmogelijke reisroute is hiervan de oorzaak. Koffie met een croissant maken veel goed. Hierna maken wij een geleide stadswandeling.

Kassel, gelegen in de Franse Westhoek en Frans-Vlaanderen, heeft ongeveer tweeduizend vijfhonderd inwoners. De honderdzesenzeventig meter hoge Kasselberg is het hoogste punt van de Westhoek. In de Romeinse tijd was Kassel het vertrekpunt van zeven heerwegen, één daarvan is duidelijk zichtbaar vanop de top van de Kasselberg. De stad werd meermaals geplunderd en verwoest.

Een deugddoende opwarmer na een kille dag... à votre santé !

Op de Kasselberg staat een gedenkteken dat herinnert aan de drie veldslagen die hier plaats vonden. Hier staat ook het standbeeld van Generaal Foch die op de Kasselberg zijn hoofdkwartier had. Ook een beschermde windmolen trekt de aandacht. Kassel bezit enkele bezienswaardigheden. Op de Markt staat het zestien eeuwse ‘Landshuys’, thans een museum, herenhuizen uit de 17e en 18e eeuw verwijzen naar vroegere rijkdom. De gotische hallenkerk ‘Onze-Lieve-Vrouw van de Crypte’ heeft een fraai interieur. De oorspronkelijke parochiekerk op dezelfde locatie die aan Onze-Lieve-Vrouw was gewijd, werd achtmaal tot puin herleid en terug heropgebouwd. Tijdens de Franse Revolutie (1789) diende ze tot paardenstal, gevangenis en hospitaal.

Tijdens onze wandeling gaan we de voormalige Jezuïetenkerk voorbij, we lopen langs de ‘Porte d’ Aire’. We verlaten Kassel en rijden een twintigtal km verder, richting Esquelbecq. We brengen een bezoek aan de artisanale brouwerij Thiriez. De brouwerij is ontstaan in 1996 op de plaats waar vroeger een landbouwbrouwerij was. Na een korte uiteenzetting door de heer Thiriez kunnen we de producten van de edele kunst van het brouwen proeven. ‘La blonde d’Esquelbecq’ is aan te raden: mooi van kleur en lekker op de tong. Wie dit ‘blondje’ niet ziet zitten kan proeven van ‘La Rouge Flamande’, genaamd naar het rode melkveeras uit de streek.

Na dit eerder kort, maar niet minder verblijdende bezoek zetten wij onze tocht verder naar de vestingstad Bergues. Daar genieten wij van een uitgebreid middagmaal. We starten de namiddag met een rustige boottocht van Bergues naar Duinkerke over één van de oudste kanalen van Frankrijk. Dat dit een verrijkende boottocht is, is de waarheid geweld aandoen.

We komen terug aan wal in de belangrijke havenstad Duinkerke. Onder leiding van een charmante gidse rijden we de stad rond. Hier komen verleden, heden en toekomst van Duinkerke aan bod: de Sint-Eligiuskerk, waarin onder andere de Duinkerkse kaper Jan Bart ligt begraven, het Belfort dat er langs de overzijde van de weg een beetje verweesd bijstaat, is de voormalige klokkentoren van de Sint-Eligiuskerk, de toren van de Leughenaer, het standbeeld van kaper Jan Bart, “Al die willen te kap’ren varen, moeten mannen met baarden zijn …”, dit lied vond zijn oorsprong in Duinkerke.

De architectuur van de badplaats Malo-les-Bains, hier vinden we verschillende villa’s van rijke burgers uit het begin van de twintigste eeuw, ook de wederopbouw van het stadscentrum na de tweede wereldoorlog. Op onze terugweg huiswaarts houden we halt in ‘Het Spaans Kwartier’ te Izenberge. We laten ons de broodmaaltijd smaken en de Picon vooraf wordt door niemand afgewezen.

Share