In een sfeervol maar bij vlagen vlijmscherp betoog heeft Noël Minnaert en zijn Ploegteam officieel afscheid genomen van de iconische Landskouterse reuzen Rie en Lea. De reuzen, boegbeelden van de ter ziele gegane Ploegfeesten, zijn officieel overgedragen aan de vzw Seizoenscafé. De plechtigheid werd gekenmerkt door diepe nostalgie naar het dorp van weleer én harde kritiek op het huidige gemeentebeleid, dat volgens Minnaert de lokale eigenheid systematisch miskent.
Door de hittegolf was er daags voordien beslist om de ceremonie — onderdeel van de festiviteiten La La Landskouter — niet buiten te laten doorgaan, maar in de Sint-Agathakerk. Zo was men beschermd tegen de zon én eventuele onweders.

(vlnr) Champetter Daniel De Bruycker, Burgemeester Noel Minnaert en Belleman Marc Van Gaver zijn klaar voor de ceremonie
De reuzen waren voor de gelegenheid in de kerk geplaatst. De stoelen van de kerk stonden aan de zijkant. Jong en oud woonden de ceremonie bij, onder begeleiding van de Fanfare van Scheldewindeke (die in het koor hadden plaatsgenomen), de belleman van Oosterzele en de champetter van Landskouter.
Met zijn vertrouwde burgemeesterssjerp nog één keer omgord – een relikwie uit de tijd vóór de grote fusie met Oosterzele in 1976 – nam Noël Minnaert het woord. Wat volgde was geen droge overdrachtsakte, maar een vurig betoog in het ‘Algemeen Beschaafd Landskouters’. Minnaert blikte terug op hoe het verenigingsleven, de lokale middenstand en de typische boerenbedrijvigheid die de afgelopen decennia nagenoeg volledig uit het dorp verdwenen. “Landskouter was aan het doodbloeden”, klonk het scherp. Enkel de Ploegfeesten hielden de herinnering aan de oude boerengeslachten Hasaert en Callaert levend. Rie en Lea, de reuzen die naar hun evenbeeld werden gemaakt, verhuizen nu naar het Seizoenscafé om hun voortbestaan te garanderen.

De bevlogen speech van Noel Minnaert
De ‘Drie Verdronken Kalveren’ van Landskouter
Het hoogtepunt van de toespraak was een felle aanklacht tegen wat Minnaert “de erfgoedmoord te Landskouter” noemde. Aan de hand van de metafoor van drie ‘verdronken kalveren’ hekelde hij de modernisering die de dorpsziel heeft aangetast:
-
Het eerste kalf: De historische ploeg. De bijna 100-jarige ‘Brabander’-ploeg , destijds geplaatst als symbool voor de boerenstiel, moest wijken voor de heraanleg van de wegen en een betonnen bushalte. De ploeg staat nu te verkommeren achter een haag.
-
Het tweede kalf: De verdwenen kasseien. Een eeuwenoud kasseibaantje in kinderkopjes – begin jaren ’70 nog decor voor de finale van de Ronde van Vlaanderen – werd volgens de voorzitter van de Ploegfeesten vakkundig vernield door ondeskundige heraanleg.
-
Het derde kalf: De herinrichting van het kerkhof. Met de transformatie van het kerkhof naar een ‘kerkpark’ met strakke gazons is het volgens Minnaert onmogelijk geworden om overledenen dicht bij de dorpsgemeenschap te begraven. “Wie geen respect heeft voor de doden, heeft dit ook niet voor de levenden”, sprak hij geëmotioneerd.
Poëzie en dialect
De kritische woorden werden afgewisseld met cultuurhistorische intermezzo’s uit Minnaerts bekende hoed. Ulrik De Wachter (Seizoenscafé) droeg het door Minnaert in 2005 geschreven ‘Requiem voor een ploeg’ voor, een ode aan de teloorgang van de ambachtelijke landbouw.
Nadien bracht Erna Tondeleir een emotionele en humoristische ode in het rasechte lokale dialect met het gedicht ‘Landskouter o dorp van weleer’. Haar voordracht schilderde een levendig portret van het opgroeien in het dorp: van ‘belleke trek’ rond de kerkhofmuur tot legendarische dorpsfiguren zoals ‘Georgeske mee zijn kanaseirke’ en ‘Koolbuze’. Het gedicht sloot af met een vurig pleidooi om de traditie in ere te houden en later “stillekes te rusten rond ons schuun kerkske in den heiligen grond”.
Met de overdracht van Rie en Léa sluiten de Ploegfeesten hun boeken, maar de hoop is nu gevestigd op de vzw Seizoenscafé om de fakkel van de Landskouterse identiteit brandend te houden. Minnaert besloot strijdvaardig: “Wie niets zegt zwijgt, ik heb niet gezwegen, maar gezegd!”

De reuzen Lea en Rie in de kerk met de kernvrijwilligers van de vzw Seizoenscafé
10 jaar Seizoenscafé
Het contract van de overdracht werd formeel ondertekend door beide verenigingen; de belleman lichte de tekst toe. De fanfare speelde het reuzenlied en er werd rond Lea en Rie gedanst. Ter afsluiting gaf Ulrik De Wachter een kort overzicht van 10 jaar Seizoenscafé en wees op recente verwezenlijkingen van de vzw zoals het lichtbord ‘LNDSKTR’ in de pastorietuin. De vereniging haalde ook een micro-leaderproject binnen om een tegen eind volgend jaar een vaste wandeling in en rond Landskouter te realiseren. Daar zal de vzw zelf zo’n kleine €4.000 in investeren.
Het einde van de ceremonie was meteen de start van La La Landskouter, de nieuwe naam van het eendagsfestival van ’t Seizoenscafé die op de laatste zaterdag van juni doorgaat in de Bakkerstraat en pastorietuin.





